Aanvragen hulpmiddelen voor sporters met beperking centraal geregeld
Van de naar schatting 1,8 miljoen mensen met een beperking in ons land, heeft 12 procent een hulpmiddel nodig om te kunnen sporten. De aanvraag van een sporthulpmiddel gaat via de gemeente, maar de regels zijn overal anders. Dankzij extra subsidie van het Rijk gaat het Uniek Sporten Centraal Loket nu de toegankelijkheid voor sporters met een beperking vergroten.
Het Uniek Sporten Centraal Loket gaat sporters en gemeenten adviseren, aanvragen voor sporthulpmiddelen (zoals een handbike of een tennisstoel) begeleiden en financieel bijspringen als de Wmo of de zorgverzekeraar onvoldoende bijdragen. Intussen heeft het onafhankelijke vangnet al ruim duizend aanvragen behandeld.
Versnippering tegengaan
Het loket richt zich op mensen met een beperking die wel willen sporten, maar bij wie het niet lukt omdat ze niet de juiste hulpmiddelen hebben. Elke gemeente heeft nu zijn eigen beleid en ambtenaren beoordelen elke aanvraag anders. Dat betekent dat in het ene geval alle kosten van een sporthulpmiddel worden vergoed en in het andere geval niets. Uniek Sporten wil die versnippering tegengaan. Daarvoor heeft het loket 750.000 extra subsidie gekregen van het Rijk.
Lagere prijs
Sporters blijven hun aanvraag indienen bij de gemeente, maar het Uniek Sporten Centraal Loket gaat die aanvragen beoordelen. Gekeken wordt wat de sporter wil en kan en of de sport recreatief of in competitieverband wordt beoefend. Aan de hand van het advies koopt de gemeente het juiste sporthulpmiddel. Door collectieve afspraken te maken, kan dat waarschijnlijk tegen een lagere prijs dan in de huidige situatie, waarbij de bestelling per persoon gaat. Daarnaast kan het hulpmiddel ook bij een vereniging worden gestald, zodat meerdere mensen het kunnen gebruiken. Denk bijvoorbeeld aan een running frame voor hardlopen bij een atletiekvereniging.
Bruikleensysteem
De komende jaren wil het Uniek Sporten Centraal Loket toegroeien naar een landelijk bruikleensysteem voor sporthulpmiddelen. Dat is goedkoper en duurzamer. Als de sporter stopt of als zijn beperking verandert, geeft hij het hulpmiddel terug of ruilt het om. In 2028 moet dit systeem landelijk zijn ingevoerd.